Lieven Debrouwere

A fine WordPress.com site

Maand: juli, 2015

Hanswijck

Dit is de Mechelse Hanswijckkerk. Hier bevindt zich het (protserige) madonna-beeld dat meegedragen wordt (werd?) in de bekende Hanswijckprocessie. 
   

Er gaat niets boven bomen …

  

De sprekende boterham

   

Moeffen

Dit straatje in Brugge komt uit op de Dijver en heet zelf óók Dijver. Langs rechts (vooraan) komt u in het Groeninghemuseum, dat heel onaantrekkelijk is maar dat een fabelachtige Jan van Eyck bezit (en daarvoor alleen al de moeite is). Links bevindt zich het Museumplein, dat heel aantrekkelijk is maar waar vier lelijke beelden van Rik Poot staan (die je beter kunt mijden). Toen ik deze aquarel aan het maken was, kwam ik in gesprek met een fotograaf die in dat straatje zijn winkel heeft en die me vertelde dat de typisch Brugse bakstenen – okerkleurig vermengd met groen – moeffen heten. 
  

Le style c’est l’homme (ou la femme)

   
    
 

St.Rombouts

Wie Mechelen zegt, zegt de St.Romboutstoren. Deze imposante toren moest de hoogste ter wereld worden, de hoofdstad der Nederlanden waardig. Want ja, Mechelen heeft een groots verleden. Maar toen brandde de stad af en toen raakte het geld op, en sindsdien staat de onafgewerkte toren daar als een symbool van grote verwachtingen die niet werden vervuld. Mechelen is dan ook een typische Maagd-stad. Niet voor niets stond vroeger in het midden van de grote markt het standbeeld van Margaretha van Oostenrijk, zus van Filips de Schone, en levenslange weduwe. Zo was de atmosfeer van de stad zoals ik ze gekend heb: dromend van wat had kunnen zijn, maar niet geweest is. 

 


Deze tekening is gemaakt van op het dak van een (oerlelijke) parkeergarage waarvan de bovenste verdiepingen niet meer in gebruik waren. Het was een zalige plek om te tekenen, midden in de stad maar hoog verheven boven alle drukte en met een impressionant uitzicht. Of hoe modern heden en ver verleden toch wel eens samenwerken …
  

Keerdok (2)

Het keerdok van de andere kant bekeken. Hier komt de Dijle Mechelen binnen. Het is als het ware de toegang tot de stad. Tussen het keerdok en de alles dominerende St.Romboutstoren ligt het begijnhof, de plaats waar Charles Baudelaire, nochtans geen fan van ons land, wilde komen sterven. En inderdaad, toen men Mechelen nog niet ‘gereanimeerd’ had, was dit een betoverend stille plek waar de tijd was blijven stilstaan. Dat gold toen trouwens voor de hele stad.
   
 

Brussel

Een aquarel uit m’n beginperiode. Geen idee wie daar op die sokkel staat, maar rechts ervan ziet u het stadhuis van Brussel. Ik heb leren aquarelleren in het hoofdstedelijke stadspark. Ik werkte toen (nou ja, werken) bij de Vaste Commissie voor Taaltoezicht en trok er tussen de middag op uit om te schilderen. 

  

Keerdok

Het keerdok in Mechelen, aan de rand van de stad. Hier heb ik als kind héél veel gespeeld. En nooit in het water gevallen. Dat zou nu ongetwijfeld niet meer kunnen wegens veels te gevaarlijk. Maar bewaarengelen waren toen nog heel gewoon. Er viel ook altijd wat te beleven. Zoals die keer toen iemand in grote letters op de dwarsbalk (rechtsboven) van de kraan van Bequet Beton had geschilderd: Evelien, I love you. Hoe hij dat voor elkaar had gekregen – die betonnen dwarsbalk bevond zich 15 meter boven de begane grond én boven het water – kon ik niet begrijpen. Het maakte grote indruk op me. 
   
   

Kattekop

Marianne, onze jongste. Wij noemden haar ‘het braafste kindje ter wereld’. Het was ook zo’n kind waar je niet af kon blijven. Je moést haar wel knuffelen. Maar lachen, nee dat was er niet bij. Dat heeft ze pas op latere leeftijd geleerd. U mag één keer raden onder welk sterreteken ze valt …